Ziekte van Dupuytren (koetsiershand)
Bij de ziekte van Dupuytren ontstaan goedaardige bindweefselwoekeringen in de handpalm en vingers. In het begin voelen deze aan als harde knobbels, maar later kunnen ze veranderen in harde strengen. Hierdoor kunnen de vingers in een buigstand gaan staan, hetgeen niet meer door uzelf te corrigeren is. Deze stugge buigstand noemen we een contractuur. De ziekte van Dupuytren komt meer voor bij mannen dan bij vrouwen, meestal vanaf ongeveer 50 jaar. De ziekte kan erfelijk zijn. Vaak zijn beide handen aangedaan en dan vooral de pink en/of de ringvinger. De harde strengen doen over het algemeen geen pijn en kunnen verwijderd worden door één of meerdere operaties. De ziekte zelf kan niet worden genezen. Zeer ernstige en uitgebreide Dupuytren dient in een ziekenhuis behandeld te worden, daar er na de behandeling een revalidatiearts wordt ingeschakeld.
Het consult
Tijdens het consult bespreekt de medisch specialist uitgebreid de mogelijkheden die er zijn voor de specifieke wensen van de cliënt. Zowel de voor- en de nadelen, de risico’s als de verwachtingen worden in dit consult besproken. Het is de taak van de medisch specialist de cliënt zo goed mogelijk voor te lichten zodat de cliënt zo gefundeerd mogelijk zijn/haar beslissing kan nemen.
De operatie
De cliënt wordt voor de operatie plaatselijk verdoofd. Het is daarom belangrijk dat de cliënt voor de operatie alleen een heel licht ontbijt neemt (geen koffie of melk). Het gebruik van antistollingstabletten of medicijnen die invloed hebben op de bloedingstijd dient minstens een week voor de operatie gestopt te worden. Dit geldt onder meer voor: Aspirine, Acetylsalicylzuur, Ascal, Brufen, Diclofenac, Nerofen, Naprosyne en Naproxen. Cliënten die bloedverdunners op advies van hun huisarts of specialist gebruiken, dienen het stoppen hiervan met hen te bespreken.
De snee in de hand en/of vinger wordt zo klein mogelijk gehouden. Het is echter wel belangrijk dat er geen contracturen ontstaan bij de wondgenezing. Daarom wordt er bewust een zogenaamde ‘zigzag snee’ gemaakt. De wond wordt gesloten met een aantal hechtingen en er wordt altijd een drain (tijdelijk) achtergelaten.
Na de operatie
Cliënt krijgt voor een paar dagen een drukverband en een mitella. Dit drukverband mag na een paar dagen eraf. De hechtingen zullen 14 dagen na de operatie worden verwijderd. De mitella draagt de cliënt 14 dagen, daarna mag dit afgebouwd worden.
De ziekte van Dupuytren kan terug komen. Een nieuwe operatie kan dan overwogen worden. Over het algemeen geldt dat het verstandig is niet te lang te wachten met een operatie. Als er langdurig contracturen bestaan, kunnen de gewrichten verschrompelen waarna het uiteindelijke resultaat tegen kan vallen en de vingers niet meer volledig gestrekt kunnen worden.
Complicaties en risico’s
De risico’s van de operatie, zijn gelijk aan elke andere handoperatie. Er kunnen complicaties optreden zoals een vertraagde wondgenezing, bloeduitstortingen, infecties en weefselversterf. De gevoelszenuwen van de vingers kunnen beschadigd raken, maar dit gebeurt zelden. Ook kunnen kleine bloedvaatjes beschadigd raken.
Het resultaat van de operatie is van tevoren redelijk goed te voorspellen. Dit is afhankelijk van een aantal factoren zoals al bestaande aantasting van de gewrichten.
Een zeldzame complicatie is dystrofie, dit is een storing van het sympathische zenuwstelsel, waardoor de gehele hand langdurig stijf, pijnlijk en gezwollen kan zijn. Behandeling geschiedt meestal bij de afdeling pijnbestrijding.
Heeft u last van de ziekte van Dupuytren, neemt u dan contact op met de kliniek. Wij helpen u graag.

