Kincorrectie
De vorm van de kin speelt een belangrijke rol in het profiel van het gezicht. Indien men ontevreden is over de vorm en grootte van de kin, kan deze met een kincorrectie worden aangepast. Een kincorrectie kan natuurlijk ook door een ongeval of beschadiging noodzakelijk zijn. Met een kleine ingreep kunnen oneffenheden van de kin gemakkelijk gecorrigeerd worden. Tijdens een kincorrectie wordt de vorm van de kin aangepast. Afhankelijk van het gewenste resultaat kan er gewerkt worden met een implantaat of kan het benige gedeelte van de onderkaak worden aangepast.
Het consult
Tijdens het consult bespreekt de medisch specialist uitgebreid de mogelijkheden die er zijn voor de specifieke wensen van de cliënt. Zowel de voor- en de nadelen, de risico’s als de verwachtingen worden in dit consult besproken. Het is de taak van de medisch specialist de cliënt zo goed mogelijk voor te lichten zodat de cliënt zo gefundeerd mogelijk zijn/haar beslissing kan nemen.
De operatie
Een kincorrectie waarbij het benige gedeelte van de kaak wordt aangepast, vindt meestal plaats onder algehele verdoving. Het is ter beoordeling van de plastisch chirurg. Een implantaat kan met een lokale verdoving of onder narcose worden geplaatst. Bij een kinvergroting met prothese wordt deze meestal via een sneetje onder de kin ingebracht.
Deze techniek is zo ontwikkeld dat er sprake is van minimale littekenvorming die nauwelijks zichtbaar zal zijn na de operatie. Een andere mogelijkheid is het inbrengen van het implantaat via de mond. Hierbij zal geen litteken waarneembaar zijn, maar bestaat wel een groter risico op een infectie
Als de operatie onder algehele narcose plaatsvindt . is het noodzakelijk dat de cliënt nuchter naar de kliniek komt. Dit betekent dat de cliënt ‘s avonds vanaf 22.00 uur niet meer mag eten en vanaf 24.00 uur niet meer mag drinken. Het gebruik van antistollingstabletten of medicijnen die invloed hebben op de bloedingstijd dient minstens een week voor de operatie gestopt te worden. Dit geldt onder meer voor: Aspirine, Acetylsalicylzuur, Ascal, Brufen, Diclofenac, Nerofen, Naprosyne en Naproxen. Cliënten die bloedverdunners op advies van hun huisarts of specialist gebruiken, dienen het stoppen hiervan te melden.
Na de operatie
Na de operatie is het verstandig om het een aantal dagen rustig aan te doen en de kin te ontzien. De hechtingen worden na één week verwijderd. Gedurende deze periode dient de cliënt een pleisterverband te dragen. Het behandelde gebied kan licht zwellen en eventueel een bloeduitstorting vertonen. Dit trekt geleidelijk weg. Na één week tot tien dagen kan de cliënt langzamerhand de werkzaamheden weer opvatten. Het uiteindelijke resultaat van een kincorrectie is na ongeveer één maand te zien.
Bent u ontevreden over de vorm van de kin, neemt u dan contact op met de kliniek. Wij helpen u graag.

